SEO vs GEO

Home / SEO vs GEO

We zijn weer een jaar verder in het hele AI-gedoe, en we zijn allemaal doodmoe van de discussie “is GEO nou wel of niet SEO?” Mijn antwoord: GEO is SEO++. Dezelfde basis, extra lagen erboven. Klaar.

Maar goed, dat verdient wat meer uitleg. Want die extra lagen, daar zit wel wat in.

Term “GEO” is een praktische noodzaak

Ik gebruik de term vooral omdat klanten ernaar zoeken. Als mijn potentiële klanten dat googelen (of aan ChatGPT vragen), dan moet ik er iets over kunnen zeggen. Al was het maar om geen oude dino te lijken waarvan ze denken dat ik nog steeds over meta keywords praat.

Er is nu zoveel over gezegd, mensen hebben het gecoind. Inhoudelijk? GEO is geen revolutie. Het is een evolutie.

Goed SEO is de basis voor LLM-optimalisatie

Wat werkt voor LLMs, werkte grotendeels ook al voor Google. En wat niet werkte voor Google, werkt zeker niet voor LLMs.

Denk even mee:

  • Gebruiker centraal – dat prediken ik al sinds 2007. Google’s helpful content update, E-E-A-T, de hele beweging weg van keyword stuffing naar “beantwoord de vraag”. Niet nieuw.
  • Goede structuur – headers die kloppen, paragrafen die scanbaar zijn, informatie die logisch geordend. De basis voor een goede tekst. SEO 101.
  • Expertise tonen – laten zien dat je weet waar je over praat, bronnen vermelden, nuance. E-E-A-T bestaat niet voor niets.
  • Actueel blijven – freshness is een rankingfactor sinds 2012. Veertien jaar geleden.

Als je dit al deed, ben je niet ver weg van wat LLMs nodig hebben. Je moet alleen van “hoe rank ik hierop” naar “hoe wordt dit opgehaald” denken. Dat is de plus in SEO++.

LLMs putten uit drie kennisbronnen

LLMs trainen op webcontent en Google-rankings spelen een rol, maar dat’s slechts één deel van het verhaal.

Er zijn grofweg drie bronnen:

1. Trainingsdata. Alles wat ze ooit hebben ingeslikt. Daar zit jouw oude blogpost uit 2019 misschien in, maar ook Reddit-threads, Wikipedia, wetenschappelijke papers, boeken. Dit is de basis waarop ze redeneren.

2. Retrieval (RAG). Bij tools als Gemini, Perplexity of ChatGPT met zoekfunctie wordt je content live opgehaald. Hier speelt ranking wél een rol, maar niet alleen Google-ranking. Het gaat om: kan de LLM je content goed begrijpen? Is het recent? Is het onderscheidend genoeg om geciteerd te worden?

3. Consensus-signalen. LLMs bouwen antwoorden op door te kijken welke bronnen consistent hetzelfde zeggen. Hoe meer plekken jouw perspectief of data verschijnt, hoe vaker het wordt meegenomen.

Dat derde punt is cruciaal. Daar zit de verschuiving.

Vier extra lagen in SEO++

Laag 1: Semantisch gefocuste content (retrieval-denken)

Het chunking-verhaal wordt veel misbegrepen. Iedereen denkt “korte paragrafen, klaar.” Maar dat’s niet het point.

Bij klassieke SEO denk je: “hoe kom ik bovenaan?” Bij retrieval denk je: “hoe word ik opgehaald en correct begrepen?”

Het gaat erom dat je één specifiek onderwerp per chunk behandelt. Je kunt een lange alinea hebben die fantastisch scoort als-ie semantisch gefocust is (één topic). Je kunt korte alinea’s hebben die slecht presteren als je meerdere ideeën erdoor hebt gemengd.

De test: neem een artikel, split een lange paragraaf die twee topics combineert in tweeën. Meet de semantische relevantie voor elk topic afzonderlijk. Je zult zien dat de aparte chunks beter scoren in vector-space modellen (BERT, Word2vec, waar zoekmachines en LLMs op leunen). Dat is waar chunking om draait: semantische focus, niet lengte.

Praktisch betekent dit:

  • Antwoorden die direct bruikbaar zijn (BLUF: bottom line up front)
  • Acroniemen die je definieert op de pagina zelf (BLUF, QPAFFCGMIM, SEO/GEO)
  • Bronnen die je op dezelfde pagina citeert, niet in een voetnoot ergens
  • Duidelijke headers en logische structuur
  • Één idee per alinea, niet meerdere ideeën vermengd

Wil je testen of je content retrieval-proof is? Plak het in Gemini, Claude of ChatGPT en vraag iets in de trant van:

Extraheer de drie belangrijkste inzichten uit dit artikel.

Kan die dat makkelijk? Dan ben je goed. Lukt het niet? Dan is niet de lengte het probleem, maar de semantische focus.

Laag 2: Consensus via meerdere plekken

Dit is misschien wel de grootste shift tussen Google-SEO en retrieval-optimalisatie.

Bij Google optimaliseer je primair je eigen domein. Bij LLMs telt het totaalplaatje.

Als jouw perspectief alleen op jouw blog staat, is dat één datapunt. Als datzelfde perspectief ook op Reddit verschijnt, op YouTube wordt uitgelegd, in een vakpublicatie wordt geciteerd, en op LinkedIn wordt besproken — dan bouw je consensus. En consensus wordt vaker opgehaald.

Dit is geen linkbuilding in de klassieke zin. Het gaat niet om een linkje droppen. Het gaat om je kennis verspreiden. Community-building, PR, thought leadership. Al die zachte termen die SEO’ers vaak wegwuifden, worden nu harder.

En dan snap je meteen waarom ik het al sinds 2014 populariteit noem en geen linkbuilding meer.

Laag 3: Freshness als onderscheidend vermogen

LLMs zoeken bij retrieval naar wat nieuw is, niet wat in hun trainingsdata zit (dat kennen ze al, en daar hoeven ze niet voor op het internet te zoeken).

Freshness was altijd al een factor. Maar voor LLMs wordt het urgenter. Waarom? Omdat LLMs getraind zijn op een bepaalde dataset. Alles wat daarin zit, “kennen” ze. Wat ze niet kennen, is wat er sindsdien is veranderd.

Dus als ze iets opzoeken via retrieval, zoeken ze naar wat nieuw is. Recente data, recente inzichten, recente ontwikkelingen. Een artikel uit 2019 over AI? Interessant voor historische context. Maar het wordt niet opgehaald voor een vraag van vandaag.

Praktisch betekent dit:

  • Publicatiedatum zichtbaar en actueel
  • Update-datum vermelden (“Bijgewerkt: januari 2026”)
  • Regelmatig je cornerstone-content controleren en waar nodig herzien op basis van nieuwe inzichten
  • Nieuw onderzoek verwerken in bestaande artikelen

Niet herschrijven om het herschrijven. Herzien zodat het relevant blijft.

Laag 4: Expertise-signalen voor LLMs

LLMs pikken expertise anders op dan Google. Domain authority en backlinks helpen hier niet.

E-E-A-T kennen we. Maar LLMs zoeken naar andere signalen. Ze kijken naar:

  • Eigen onderzoek of data (niet alleen herkauwde informatie)
  • Voorzichtigheid waar nodig (disclaimers, nuance, “het hangt ervan af”)
  • Bronvermelding op de pagina zelf
  • Definities van vaktermen

Wat ze minder goed herkennen: domain authority, backlinks, al die metrics waar we jaren naar keken. Dat zijn Google-signalen, geen LLM-signalen.

Praktische checklist: SEO++ toepassen

Als je goede SEO deed, gericht op de gebruiker, actueel, goed gestructureerd, met expertise, hoef je niet heel veel te veranderen.

Je voegt toe:

  • Retrieval-check: Is je content semantisch gefocust (één topic per section)? Kan een LLM dit makkelijk begrijpen en chunken?
  • Verspreiding: Staat je perspectief op meerdere plekken, of alleen op je eigen domein?
  • Actualiteit: Laat je zien dat je content recent en relevant is?

Dat is het. Geen complete revolutie. Een evolutie met drie extra checkboxes.

Nuance: Wat we niet weten

De onderzoeken die rondgaan zijn interessant, maar beperkt. De richting is duidelijk, de exacte getallen veranderen constant.

De onderzoeken (“Reddit is nummer één in citations”, “slechts X% overlap tussen Google en LLM-resultaten”) zijn interessant, maar ook beperkt. Verschillende LLMs werken verschillend. Perplexity is niet ChatGPT is niet Claude is niet Gemini. En het verandert elke paar maanden.

Wat we wél weten: de richting. Content moet beter begrepen worden (semantische focus), op meer plekken aanwezig zijn, en actueler zijn. De exacte percentages en rankings? Die zijn in beweging.

Strategie: Branding-kanaal, niet performance (nog niet)

LLM-traffic is momenteel vooral merkbekendheid en herkenning, niet zozeer de conversies (hoe anders dit kan zijn bij b2b, laat ik nu even achterwege, want over de meetbaarheid kan ik nog wel 10 blogs schrijven, maar laat ik vooropstellen dat prompttracking niet een van de prio’s moet zijn).

De volumes zijn lager dan Google. Veel lager. Je gaat geen 10.000 bezoekers per maand uit ChatGPT halen. Wat je wel krijgt: je merk en perspectief dat sporadisch opduikt waar mensen hun AI-vragen stellen met soms wel een heel klein linkje erachter.

Is dat waardevol? Waarschijnlijk wel. Is het meetbaar in je analytics-dashboard? Nauwelijks.

Dus bepaal voor jezelf: is dit branding-werk of performance-werk? Voor een B2B-partij met een lange salescyclus kan die merkbekendheid goud waard zijn. Voor een webshop die morgen conversies nodig heeft, misschien minder prioriteit.

Mijn visie: SEO++ is evolutie, niet revolutie

GEO is geen vervanging van SEO. Het is SEO met extra lagen, retrieval-denken, verspreiding, actualiteit.

De basis blijft de basis: gebruiker centraal, goede content, technisch op orde. Dat was altijd al belangrijk en blijft belangrijk.

De plus is:

  • Retrieval-denken (semantische focus, niet gewoon korte paragrafen)
  • Verspreiding over meerdere plekken
  • Grotere nadruk op actualiteit
  • Expertise-signalen die LLMs herkennen

Als je dat “GEO” wilt noemen omdat je klanten het zo zoeken, prima. Maar laat je niet wijsmaken dat alles compleet anders is geworden. De SEO’ers die het al goed deden, moeten alleen hun blik verbreden. De SEO’ers die het niet goed deden… die hadden sowieso al een probleem uitdaging en als je nu nog vindt dat GEO iets heel anders is, zeg je vooral dat je SEO strategie allang over de datum was.

Dus ja. SEO++. Meer kan ik er niet van maken.


Vragen? Denk je er anders over? Laat het me weten.

Was dit artikel behulpzaam?

Bedankt voor je feedback!

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.